Regeling voor Vervroegde Uittreding
18 november 2025 | Kantoornieuws
Regeling voor Vervroegde Uittreding (RVU)
Sinds 2021 kunnen werknemers tot drie jaar vóór hun AOW-leeftijd stoppen met werken met een door de werkgever betaalde RVU-uitkering, zonder dat daar altijd de volledige pseudo-eindheffing van 52% (de zogeheten boete) over betaald hoeft te worden. Dit maakt eerder stoppen met werken toegankelijker.
In de jaren 2025–2027 geldt dat men eerder kan stoppen vanaf een leeftijd van 64 jaar en 3 maanden.
Let op:
-
De regeling moet in de cao staan of individueel met de werkgever zijn afgesproken.
-
Niet iedereen heeft automatisch recht op een RVU.
Voortzetting van de RVU–drempelvrijstelling
Het demissionaire kabinet heeft voorgesteld om de drempelvrijstelling per 1 januari 2026 voort te zetten.
Daarnaast:
-
Het maandelijkse vrijstellingsbedrag kan in bijzondere gevallen worden verhoogd.
-
De pseudo-eindheffing boven de vrijstellingsgrens stijgt geleidelijk.
Uitloop naar 2028 voor bestaande RVU’s
In 2025 geldt een RVU-drempelvrijstelling van € 2.273 per maand.
-
Alleen over het deel boven deze grens betaalt de werkgever 52% pseudo-eindheffing.
-
Gaat een RVU eerder in dan 36 maanden vóór de AOW-leeftijd? Dan geldt over dat deel óók 52% pseudo-eindheffing, bovenop de reguliere loonheffingen.
De huidige regeling loopt af op 31 december 2025, met een uitloop tot 2028 voor RVU’s die al liepen op die datum.
In oktober 2024 is met sociale partners afgesproken dat de drempelvrijstelling permanent wordt voor werknemers met zwaar werk. Dit is inmiddels omgezet in een wetsvoorstel.
Aanpassingen in de RVU vanaf 2026
In het Belastingplan is voorgesteld om de RVU structureel te maken per 1 januari 2026.
Belangrijkste wijzigingen:
-
Het huidige drempelbedrag wordt verhoogd met € 300 bruto per maand.
-
De pseudo-eindheffing wordt verhoogd naar:
-
57,7% in 2026
-
64% in 2027
-
65% in 2028
-
Zwaar-werkregelingen in cao’s
In diverse cao’s bestaan aanvullende zwaar-werkregelingen, bedoeld voor werknemers in fysiek of mentaal belastende beroepen of onregelmatige diensten.
Belangrijk:
-
Dit is meestal een cao-afspraak, geen aparte wet.
-
De regeling maakt gebruik van de fiscale ruimte binnen de RVU.
-
Sectoren bepalen zelf criteria en uitkeringshoogtes (bijvoorbeeld Zorg of Transport).
-
De uitkering wordt uitgekeerd vanuit een cao-sectorfonds, dat ook verantwoordelijk is voor inhouding en afdracht van premies en loonheffingen.
-
Vanaf 2026 is er extra fiscale ruimte beschikbaar.
-
De regeling kan ook na 2025 structureel worden voortgezet, afhankelijk van cao-afspraken.
